
In 2025 presenteerden verschillende provincies en gemeenten hun visie op publieke mobiliteit. Ook het Rijk heeft een verkenning gedaan. Voor een eenvoudige, betaalbare en voor iedereen toegankelijke vorm van publieke mobiliteit is een samenhangend én betaalbaar systeem nodig waarin openbaar vervoer, deelmobiliteit en vraaggestuurd vervoer samenkomen. Thijs Muizelaar, Bas Scholten, Marcel Touset, Robert van Leusden en Peter Krumm beschrijven de transitie naar een nieuw, integraal mobiliteitssysteem.
De wens om verschillende vormen van mobiliteit beter te integreren, komt niet uit de lucht vallen. Verschillende maatschappelijke trends nodigen overheden uit om opnieuw na te denken over hoe mobiliteit wordt georganiseerd. Een groeiende bevolking leidt tot toenemende mobiliteitsdruk, vooral rond OV-knooppunten. Tegelijkertijd ligt er een duidelijke opdracht om duurzame vervoersopties te stimuleren, zodat klimaatdoelen gehaald kunnen worden.
Daarnaast spelen sociaaleconomische factoren mee. Zo verdwijnen voorzieningen in kleinere kernen, waardoor mensen afhankelijker worden van vervoer. Voor inwoners met een krap budget vormen stijgende vervoerkosten een barrière om te reizen. Ook het reisgedrag verandert: sinds de coronapandemie werken mensen vaker thuis, reizen ze minder voor werk en juist meer voor recreatie. Vooral op dinsdagen en donderdagen ontstaat extra drukte op wegen en in het OV. Tegelijkertijd kampt de OV-sector met bezuinigingen, personeelstekorten, lagere reizigersaantallen en hogere kosten. Daardoor neemt ook de financiële druk op het systeem toe.
In landelijke én stedelijke gebieden sluit het traditionele busvervoer niet altijd meer aan op de vervoervraag, bijvoorbeeld als het gaat om de capaciteit of om de beschikbaarheid in tijd en plaats. Ook het doelgroepenvervoer staat onder druk door vergrijzing en krimpende budgetten. Deelmobiliteit wordt vaak genoemd als oplossing, maar niet voor alle doelgroepen en reizen is een deelfiets, scooter of deelauto realistisch. Het alternatief is publieke mobiliteit: een verzameling van productmarktcombinaties met bijvoorbeeld OV, flex- en deelmobiliteit - en ook vrijwilligersvervoer en het particulier delen van auto’s kunnen een aanvulling zijn.
Interessante voorbeelden in Nederland laten zien dat het ook anders kan onder de noemer van publiek vervoer. Vaak wordt verwezen naar Zeeland waar in 2025 een nieuw systeem van publiek vervoer is gestart met meer ruimte voor vraaggestuurd vervoer en deelmobiliteit: Flex. Al langer bestaande voorbeelden met meer ervaring in Nederland zijn de haltetaxi RRReis in Gelderland of de toepassing van BravoFlex in West-Brabant. Voorbeelden die gekenmerkt worden door een intensieve samenwerking tussen provincie, regio en gemeenten. Dit soort initiatieven laat zien dat slimme combinaties van vervoerstromen kunnen werken, mits ze aansluiten bij de lokale context.
Bij de ontwikkeling van publiek vervoer is het cruciaal te erkennen dat er niet zoiets bestaat als ‘dé reiziger’. Jongeren, ouderen, werkenden, scholieren en reizigers met een beperking: zij hebben totaal verschillende behoeften en mogelijkheden. Een one size fits all-benadering werkt niet. Marktsegmentatie is nodig om doelgroepen beter te begrijpen en hen gerichter te bedienen met een diversiteit aan reisdiensten en -producten.
Om van publieke mobiliteit een aantrekkelijke en succesvolle propositie te maken, zijn drie stappen van cruciaal belang:
Breng doelgroepen, hun behoeften en hun reispatronen helder in kaart voordat er nieuwe vervoersvormen worden uitgerold. Breng bij pilots het gewenste en gerealiseerde gedrag van reizigers in beeld. En bekijk tijdens en na een pilot of project wat het heeft gedaan met die reispatronen en behoeften.
De mobiliteitsvraag kan verschillen tussen gebieden. Kies per gebied voor passende combinaties van OV, flex- en deelmobiliteit, en denk daarbij ook aan vrijwilligersvervoer en particulier delen van auto’s als mogelijke aanvulling.
Verantwoordelijkheden voor vervoer samenbrengen vraagt ook om integratie van organisaties. Zowel qua vorm als qua rol is daar een scala aan keuzes te maken, die vervolgens impact hebben op hoe je publiek mobiliteit realiseert en wat je aanbiedt aan reizigers. Een gezamenlijke regisseur voor alle vormen van publiek vervoer in een gebied is een logische stap. Daarnaast is de techniek waarmee je dit organiseert en aanbiedt aan de reizigers van groot belang. Zaken als uniforme informatie, herkenbare haltes en één betaal- en boekingssysteem maken het verschil tussen een versnipperd aanbod en een aantrekkelijk, samenhangend netwerk.
De ambitie van publieke mobiliteit is er een die we allemaal ondersteunen. Publieke mobiliteit belooft veel, maar de weg ernaartoe vraagt omschakeling, vertrouwen en samenwerking. Het ongemak dat ontstaat bij organisaties en reizigers is logisch en zelfs onvermijdelijk. Dit tijdelijke ongemak is de investering die hoort bij groei. Door samen te werken, te experimenteren en steeds te blijven leren, bouwen we aan een mobiliteitssysteem dat wél werkt: voor reizigers, voor professionals en voor heel Nederland. Het ongemak is dus niet iets om te vermijden, maar iets om bewust te begeleiden, want het brengt ons precies waar we moeten zijn.
De organisatie en financiering van publieke mobiliteit ligt in vele handen: meerdere Rijksdepartementen, uitvoeringsorganisaties zoals DUO en UWV, provincies en gemeenten en allemaal vanuit verschillende belangen en wettelijke bevoegdheden. Door dit ongemak bij deze partijen op tafel te leggen en hier passende oplossingen voor te bedenken, bouwen bestuurders, aanbieders van vervoerdiensten en reizigers aan een systeem dat eerlijker, slimmer en toekomstbestendiger is.
APPM helpt dit ongemak om te zetten in werkbare oplossingen en gezamenlijke beweging. Vanuit APPM leveren wij graag een bijdrage door inzet van onze bevlogenheid, expertise en procesvaardigheden. Neem contact met op met Thijs of Bas als je hier eens over door wilt praten.
We gaan graag het gesprek aan! Neem contact op met:

We gaan graag het gesprek aan! Neem contact op met: