TERUG NAAR HET OVERZICHT
23
February
2021

Hinder: kans voor de mobiliteitstransitie

Foto
Artikel

De komende twintig jaar is de infra-agenda in de Randstad bomvol. Massale woningbouw, uitbreiding van het OV- en wegennet en de revisie van ongeveer alle grote tunnels en bruggen. Hoe benut je hinder als kans voor duurzame gedragsverandering?

Het klinkt optimistisch: hinder als kans om spreiding te bevorderen, vertraging tegen te gaan en uitstoot te verminderen. Het coronavirus bewijst dat een crisis dit soort bijeffecten kán hebben: thuiswerken blijkt in veel sectoren gemakkelijker dan gedacht, online lesgeven kan en werkgevers en onderwijsinstellingen dragen met flexibele tijden bij aan een minder drukke spits. Op dit principe spelen Rijkswaterstaat, provincie Zuid-Holland, metropoolregio Rotterdam Den Haag, ProRail, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de gemeenten Rotterdam en Den Haag en het Havenbedrijf Rotterdam in. Met de nieuwe samenwerkingsorganisatie ‘Zuid-Holland Bereikbaar’ kiezen ze voor een gezamenlijke bereikbaarheidsaanpak.

Mobiliteitsmakelaars

Hoe werkt dit in de praktijk? Jan Willem Immerzeel, directeur Verkeer van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH): “Bij hinder kun je je normale route van A naar B niet nemen. Dan moet je bewust kiezen: is mijn reis nodig? Moet het nu? Hoe ga ik? Met welk vervoersmiddel? Je kunt bijvoorbeeld mobiliteitsmakelaars inzetten. Zij matchen de wensen van reizigers met vervoersopties die qua bereikbaarheid en duurzaamheid aansluiten bij onze doelen. Denk bijvoorbeeld aan OV-probeerpassen, kennismaking met e-bikes of apps voor Mobility as a service (MAAS). Daarnaast blijft de rol van verkeerscentrales essentieel. Dat is een robuust systeem dat we blijven benutten.”

Werkzaamheden

Het gaat om meer dan slim mixen en matchen. Floor Vermeulen, gedeputeerde Zuid-Holland: “Als je de werkzaamhedenkaart voor de periode rond 2024-2026 bekijkt, is bijna de hele provincie zwart. Ons doel is tweeledig: het eerste is de bewustwording bij bestuurders, bedrijven en bewoners dat we de komende jaren echt groots aan de slag gaan. Dat gaat niet zonder overlast. En twee: er alles aan doen om die hinder niet alleen te beperken, maar ook als kans te benutten. De investering in de hinderaanpak moet blijven renderen. Denk aan de aanleg van een fietspad of een busbaan.”

"Onze investeringen tijdens hinder moeten langer renderen." - Floor Vermeulen, gedeputeerde Zuid-Holland

Systeem- en gebiedsniveau

Bij de nieuwe hinderaanpak is er ten eerste het ‘systeemdomein’. Partijen zoals Rijkswaterstaat, ProRail, de provincie of MRDH zijn nu zelf verantwoordelijk voor de programmering, maar ze gaan dit meer samen doen. Arjan Driesprong, hoofdingenieur-directeur West-Nederland Zuid bij Rijkswaterstaat: “Als Rijkswaterstaat hebben we er echt een groot belang bij dat we werkzaamheden met elkaar afstemmen. Als we niet over onze schaduw heenstappen, heeft de weg- of vaarweggebruiker daar straks last van.” Ten tweede is er het ‘gebiedsdomein’. Infrabeheerders kijken met beleidsmakers en met bijvoorbeeld vervoerders zoals RET en HTM wat er allemaal in het gebied op stapel staat. APPMer Miran Wiersema: “Pas als je uitzoomt, zie je de optelsom. Je krijgt inzicht in de totale verwachte hinder én je hebt meer slagkracht voor slimme alternatieven. Veel oplossingen zijn alleen haalbaar als je het samen doet. Je kunt langjarig samenwerken, samen aanbesteden, kennis delen over effectieve instrumenten en betere en eenduidigere publiekscommunicatie opzetten.”

Nieuwe organisatie Zuid-Holland Bereikbaar

De afgelopen tijd was er een intensief bestuurlijk en ambtelijk traject. De basis voor Zuid-Holland Bereikbaar staat nu, inclusief de governance van het programma en een nieuwe samenwerkingsorganisatie. De bestaande uitvoeringsorganisaties gaan hierin op. Wiersema: “In essentie moet je tijdens zo’n traject de juiste inhoud op tafel krijgen: wat willen de partners bereiken? En hoe kunnen ze het samen beter doen? Vervolgens ontwerp je samen de samenwerkingsorganisatie en governance die in lijn is met de inhoud en hoe partners willen samenwerken. Dat klinkt vanzelfsprekend. Maar het vraagt om een zorgvuldige exercitie om ambities, doelen, opgaven, sturing, organisatie-inrichting en de manier van samenwerken te concretiseren.” Immerzeel: “Alle besluiten zijn genomen en voorgelegd aan minister Van Nieuwenhuizen tijdens het bestuurlijk overleg (BO-MIRT, red) van eind november. De Minister legt het voor aan de Tweede Kamer. De planning is dat er op 1 juli 2021 een programma-organisatie staat en dat lijkt te lukken. Dat is ook echt de verdienste van het team van APPM en de inzet van alle collega’s bij de partners en de uitvoeringsorganisaties.”

Groei

Driesprong benadrukt dat dit een opmaat is naar meer: “We hebben straks marktpartijen nodig om ons te helpen om het mobiliteitsgedrag aan te passen. De werkgeversaanpak gaan we ook versterken en we kijken hoe we onze werkzaamheden slim in de tijd kunnen programmeren. Deze programmering breiden we uit naar andere ruimtelijke ontwikkelingen.” Gedeputeerde Floor Vermeulen en voorzitter van de stuurgroep Zuid-Holland Bereikbaar, is het daarmee eens: “We mogen trots zijn op wat we nu al voor het wegverkeer hebben neergezet en dit biedt zeker kansen om ook OV en woningbouw hiermee te verbinden. De rol van trekker van de stuurgroep neem ik graag op me. Ik vind dat we als provincie een verbindende rol hebben tussen opgaven en tussen Rijk en regio. Je kunt als bestuurder niet zeggen: dit speelt over een paar jaar pas, dus dat is na mijn tijd.”

Dit artikel werd eerder geplaatst in het APPM Magazine, editie 31 (winter 2020). Bekijk en lees het volledige magazine hier.

Je vindt dit artikel op pagina 32 t/m 39. Wil je ons magazine voortaan ontvangen? Laat het ons weten!

Foto
Artikel