Projecten

Het Internet of Energy (V)

Hoe slim laden de energietransitie een boost kan geven (2020 - heden)

Eén gigantische virtuele superbatterij over de hele wereld die mee ademt met de zon. Die kant gaan we op met elektrisch rijden, door laadinfrastructuur internationaal aan elkaar te knopen. De toekomst is slim laden. Wat levert dat op?

In Nederland waren alle laadpioniers het snel eens over het nut van een laadnetwerk, waarin de laadpalen aan een gedeeld platform zijn gekoppeld. “In het begin hadden we daar veel discussies over met bedrijven waar we laadpalen neerzetten”, vertelt De Jong. “Die vonden dat koppelen niet nodig. Waarom zou ik mijn laadpalen in een groter netwerk hangen? Deze laadpalen leveren toch stroom die ik zelf heb opgewekt met mijn zonnepanelen? Pas nu het sturen van energie steeds belangrijker wordt - bijvoorbeeld dat je sneller gaat laden als de zon schijnt en laden uitstelt als het bewolkt is - gaan ze de waarde zien van het netwerksysteem. Want zo ga je veel efficiënter om met energie.”

Voorsprong

Wat bij een bedrijf op kleine schaal kan, gaat ook op grote schaal gebeuren. Daarvan zijn De Jong, Caron, Ten Wolde en Idema overtuigd. Slim laden is de toekomst. Ten Wolde: “In Nederland wordt in de laadinfrastructuur al vrij grootschalig geëxperimenteerd met het sturen van energiestromen. Ook hierin lopen wij internationaal voorop. Op het laatste internationale congres in Lyon voor de corona-uitbraak, zaten buitenlandse partijen nog in het stadium: zullen we één laadpaal aan een zonnepaneel knopen? Daar zijn wij allang voorbij: wij denken en werken in netwerken. Daar zijn we al bij de start mee begonnen en dat hebben we vastgehouden.”

Virtuele superbatterij

Slim laden kan niet alleen veel opleveren in efficiency en kostenbesparing, maar ook een grote bijdrage leveren aan de energietransitie. “Je creëert als het ware een virtuele superbatterij, door gebruik te maken van al die batterijen op wielen”, legt De Jong uit. “Vergelijk het met de cloud die in feite één groot netwerk van honderdduizenden servers is. Op die manier zit die superbatterij in al die auto’s, verbonden met onder andere zonnepanelen en windmolens. Zo hebben we in Nederland het internet of energy uitgevonden. Dat is een ademend systeem waarmee je, als je het goed inricht, kolen en gas kunt uitfaseren.”

Weer een exportproduct

De rekensom is eenvoudig te maken: het vermogen van 100.000 elektrische auto’s is gelijk aan een gemiddelde kolencentrale. En auto’s staan het grootste deel van de tijd stil, dus er is potentieel genoeg. Caron: “Met opschalen kun je een eind komen; van de 8 miljoen auto’s in Nederland zijn er nu ruim 200.000 volledig elektrisch. De techniek is er al. Als wij er nu ook nog in slagen om slim laden op te schalen, de norm te maken en in te passen in het grotere energiesysteem, hebben we wéér een exportproduct. Dan komt weer iedereen kijken hoe wij dat doen.”

En nu? Naar 70 procent slim laden in 2025

De stap voorwaarts om dit te bereiken, is opschalen. Van experimenten met beperkte aantallen auto’s en beperkte vermogens naar alle sluizen open. Daar wordt hard aan getrokken. Zo is er een Nationale Agenda Laadinfrastructuur opgesteld waarin slim laden een belangrijk onderdeel is. Idema is hier nauw bij betrokken. “We werken eraan om knelpunten en barrières in beeld te krijgen, maar vooral ook om slim laden op landelijke schaal te brengen. Dat doen we opnieuw samen met het ministerie en marktpartijen. Wel zijn de belangen inmiddels groter dan in het begin. Posities zijn ingenomen, en forse investeringen gedaan op basis van bepaalde verwachtingen. Er moet dus ook meer worden doorbroken om dingen samen voor elkaar te krijgen. Maar het gaat de goede kant op. De ambitie is dat in 2025 70 procent van de elektrisch rijders slim laadt. Dat is nu een paar procent, maar het kan snel gaan.”