TERUG NAAR HET OVERZICHT
15
September
2021

Quickscan aquathermie: gelijk of ongelijk speelveld?

Foto
Snappy Shutters (via Unsplash)
Artikel

Onze huizen, scholen en kantoren duurzaam verwarmen met behulp van water: meet aquathermie. Niet alleen uit oppervlaktewater, maar ook uit ons drink- en afvalwater kunnen we warmte winnen. Een mooie techniek, maar het wordt nog maar mondjesmaat toegepast. Om de toepassing van aquathermie aan te jagen zijn verschillende instrumenten als subsidies, proeftuinen, netwerken en overeenkomsten geïnitieerd. Niet om aquathermie neer te zetten als beste alternatief ten opzichte van gas, maar om een gelijk speelveld te creëren ten opzichte van andere alternatieve warmtebronnen. Wat is nu de positie van aquathermie op dat speelveld? En in hoeverre zorgen de instrumenten voor een ‘eerlijke strijd’ met andere alternatieve warmtebronnen? Tijd voor een quickscan! Wij (Floor, Geert Jan en Etienne) gingen aan de slag en vertellen je er meer over.

In opdracht van de Unie van Waterschappen en Rijkswaterstaat namen we de huidige lijst instrumenten onder de loep. Aan de hand van een beknopt aantal interviews en documenten zochten we naar de belangrijkste kansen, knelpunten en verbetermogelijkheden. Voordat we die delen, leggen we je uit hoe aquathermie werkt. Aquathermie is de verzamelterm voor duurzaam verwarmen en koelen met water. Het gaat om warmte en koude uit oppervlaktewater (TEO), afvalwater (TEA) en drinkwater (TED). Echter, het verwarmen van (een) huishouden(s) vraagt om meer dan enkel een bron. In onderstaande figuur staat het gehele systeem gevisualiseerd dat nodig is om verkoeling of verwarming daadwerkelijk mogelijk te maken.  

Is er een level playing field voor aquathermie?

Het gaat dus om een systeem en niet om enkel een bron. Het daadwerkelijk realiseren daarvan is een veelomvattende opgave. Het inrichten van eventuele opslag (WKO/MTO), distributie, opwaardering en aansluiting, én de samenhang daartussen is complex en daarmee al gauw prijzig. Bovendien zijn de bestaande instrumenten hiertoe niet toereikend. Een aquathermie project dient bijvoorbeeld voor het verkrijgen van subsidie al in een (ver)gevorderd stadium te zijn: begrijpelijk vanuit de verstrekker, maar heeft lastige, risicovolle situaties voor de aanvrager tot gevolg. Denk bijvoorbeeld aan veel benodigde voorinvestering en weinig zekerheid op toekenning.

“Tot nu werd sterk gefocust op de techniek en de ecologie, maar dit rapport maakt duidelijk dat vooral de financiering en de risico's die daarmee samenhangen, op dit moment grootschalige toepassing in de weg zitten” - Anke van Houten, Unie van Waterschappen

Bovendien zijn subsidievoorwaarden soms onbegrijpelijk en niet geschikt voor het mogelijk maken van toepassing van het hele systeem. Voor de PAW proeftuinen wordt bijvoorbeeld een te hoog innovatief karakter gevraagd en is de afbakening te strikt door het minimum aantal woningen. Ook de meer informatieve instrumenten (zoals de STOWA aquathermieviewer, het Netwerk Aquathermie en de Startanalyse uit de leidraad van PBL) zijn niet verstrekkend genoeg. Vaak betreffen deze één of enkele onderdelen van de hele aquathermie-keten of ze geven onvoldoende invulling aan de vraag naar praktijkgerichte en verdiepende kennis voor toepassing.

De conclusie van de quickscan is dat aquathermie in eerste instantie aantrekkelijk lijkt en als volwaardig alternatief wordt meegenomen in brononderzoeken, maar dat er geen sprake is van een level playing field vanwege een ontoereikend instrumentarium voor daadwerkelijke realisatie. Anke van Houten van de Unie van Waterschappen noemt het in een reactie op het rapport ‘opvallend’, dat het zó duidelijk een ongelijke situatie is: “De verschillende regelingen zouden ervoor moeten zorgen dat de situatie gelijkwaardig is, maar door de manier waarop ze zijn opgezet faalt dit. Het rapport lezende wordt helder dat er een aantal fundamentele keuzes moet worden gemaakt, wil aquathermie een succes worden.”

De weg naar een eerlijk speelveld

Met betrekking tot de financiële instrumenten luidt het advies om:

a) meer ruimte te creëren voor maatwerk binnen de voorwaarden van de regelingen

b) meer zekerheid te bieden voor de aanvrager van subsidie

c) meer samenhang te creëren tussen de betreffende financiële instrumenten.  

Ook de niet-financiële instrumenten kunnen aan het bevorderen van een gelijk speelveld bijdragen. Daarbij zou het helpen als deze:

a) meer ingaan op succesverhalen

b) meer inspelen op de huidige behoefte aan verdieping en vraag-gestuurd leren

c) bijdragen aan beleid- en wetgevingsontwikkeling omtrent het verdelingsvraagstuk

Ook is het aan te raden om ten behoeve de kansen voor aquathermie de pijlen te richten op de Transitievisie Warmte, eerder dan op de Regionale Energiestrategie. Gezien het (veelal) lokale karakter van aquathermie is de kans op een gelijkwaardig speelveld groter op deze meer lokale schaal.

Hoe nu verder?

De belangrijkste aanbeveling op basis van de quickscan is om het belang van de instrumenten meer toe te spitsen op het mogelijk maken van realisatie. Op die manier creëren we een gelijk speelveld. Zet voor het opdoen van meer praktijkervaring met aquathermie in op plekken waar aquathermie de meeste kans heeft. Of waar het de enige duurzame bron voor een warmtenet is. Focus daarbij op een zo eenvoudig mogelijk technisch ontwerp om de toepassing zo gemakkelijk en goedkoop mogelijk te houden. Het helpt daarbij om de terughoudendheid bij lokale overheden aan te pakken. Bijvoorbeeld door zowel concrete doelstellingen als afspraken met betrekking tot het (warmte)verdelingsvraagstuk te stimuleren. Om met behulp van subsidies aquathermie-projecten effectief te kunnen stimuleren, helpt het om meer ruimte voor maatwerk te creëren binnen de voorwaarden van de subsidieregelingen.

“Nu zorgen voor een level playing field draagt bij aan meer duurzame warmte waar ook aquathermie een belangrijke rol in speelt” - Etienne Budde, APPM

“Dit rapport helpt bij het adresseren van deze belemmeringen aan de tafels waar de instrumenten worden ingericht”, aldus Anke van Houten van de Unie van Waterschappen. “Als we gebruik willen maken van de potentie van aquathermie, dan zullen we iets aan deze belemmeringen moeten doen. Voor de waterschappen en Rijkswaterstaat is het de vraag welke rol ze daarbij willen spelen. Waar zit hun belang? Hoe kunnen zij het verschil maken? Dat zijn vragen die we als waterbeheerders moeten beantwoorden.” Anke laat weten vanuit de Unie in gesprek te willen gaan met bijvoorbeeld RVO om te bespreken op wat voor wijze de instrumenten beter kunnen worden ingericht: “De energietransitie vraagt erom dat we elke bron benutten. Dat betekent iets voor de verschillende partijen. Deze quickscan is daar zeer behulpzaam bij.”

Voor meer informatie kun je contact opnemen met Etienne Budde.

Eerder maakten we een routekaart aquathermie. Daarin lichten we stap voor stap toe hoe je in jouw gemeente gebruik kunt maken van eventuele aquathermiebronnen, welke rol je daarin kunt nemen en hoe samenwerking met de markt vorm kan krijgen. Bekijk ‘m hier!

Foto
Snappy Shutters (via Unsplash)
Artikel