TERUG NAAR HET OVERZICHT
28
January
2021

Onschuldig, maar ingewikkeld: het veenweidelandschap

Foto
Artikel

In het kader van de pilot Bodemdaling van het hoogheemraadschap van Rijnland zijn APPMers Nanette Elfring en Brandt de Vries gevraagd om samen met boeren en andere stakeholders in het gebied rond de Kaag te werken aan een gebiedsaanpak. In dit prachtige veenweidegebied, dat met name dienst doet als weidegebied voor de melkveesector, lijkt op het eerste gezicht niets aan de hand. Tegelijkertijd schuilt er achter dit prachtige Nederlandse polderlandschap een grote maatschappelijk opgave.

 

Al decennialang daalt in landelijke veenweidegebieden de bodem. Dit komt voornamelijk doordat de grond stelselmatig wordt ontwaterd om landbouwkundig gebruik mogelijk te maken. De ontwatering zorgt ervoor dat het veen verdroogt en onder invloed van zuurstof oxideert oftewel ‘verbrandt’, waardoor de bodem daalt. Vervolgens wordt het waterpeil door de waterbeheerders verder verlaagd, zodat de landbouw kan worden voortgezet. Een vicieuze cirkel met op de lange termijn negatieve gevolgen voor natuur- en waterkwaliteit, maatschappelijke beheerkosten van infrastructuur en waterbeheer en een aanzienlijke toename van CO2-uitstoot.  


Kort gezegd kan bodemdaling in fysieke zin worden tegengegaan door het grondwaterpeil te verhogen. Hierdoor komt er geen lucht bij de veengrond en stopt de oxidatie en daling. Dat klinkt als een simpel verhaal: peilen omhoog en klaar is Kees. Echter, deze simpele ingreep heeft grote gevolgen voor het gebruik van de grond. In sommige gebieden kunnen infiltratiemaatregelen een passende maatregel zijn om agrarisch gebruik voort te zetten en elders is een verdergaande transitie van landgebruik nodig. Dit kan niet zonder een duurzame verandering van het economische verdienmodel van bedrijven in het gebied. En juist daarom wordt er in dit gebiedsproces samen met betrokken boeren in de gemeente Kaag en Braassem gewerkt aan een handelingsperspectief en gezamenlijke gebiedsaanpak voor een toekomstbestendige bedrijfsvoering, waarbij de bodemdaling in het gebied wordt tegengegaan.

 

Een dergelijk proces is vooral kansrijk als boeren zelf urgentie ervaren en bereid zijn nieuwe kansen te verkennen. In het gebied hebben boerenondernemers, belangenorganisaties en overheden blijk gegeven mogelijke stappen te willen verkennen. Dit bleek ook uit de druk bezochte informatiebijeenkomst die Nanette en Brandt op 26 januari, in samenwerking met Rijnland, Provincie Zuid-Holland en LTO hebben georganiseerd om boeren uit het gebied te informeren en overtuigen om mee te doen.

 

Foto
Artikel