TERUG NAAR HET OVERZICHT
29
May
2020

OV in het post-corona tijdperk

Foto
Artikel
Birgit Cannegieter & Suzanne Appelo

Sinds medio maart zien we een flinke terugval in de aantallen reizigers in het OV. Dit heeft een flinke impact op de bedrijfsvoering van de OV bedrijven. Op weekdagen maakt maximaal 20% van de normale aantallen reizigers gebruik van het OV. In het weekend ligt dit inmiddels rond de 25%. Ook wanneer vanaf 1 juni weer met een reguliere dienstregeling gereden wordt, zal de bezetting nog ver onder het ‘normaal’ liggen. Zo is de bezetting van de bus de komende periode zo’n 30 tot 35%, en die van de trein zo'n 40%. Dit zal onvoldoende zijn om het Nederlandse OV gezond te houden.

Dit vraagt aandacht, euro’s, maar vooral om handelen! Vervoerders, concessieverleners en de Rijksoverheid zijn hier de afgelopen periode volop mee bezig en met elkaar in gesprek. Tijdens het webinar ‘OV in Nederland: het post-corona tijdperk’ deed Peter Krumm (managing consultant Smart Mobility bij APPM) dit ook; in gesprek met experts uit de OV wereld. In dit artikel een samenvatting van hetgeen besproken.

Naast de zichtbare impact op de korte termijn, komen ook de reguliere processen en investeringen van de OV bedrijven onder druk te staan, zo schetsen Manu Lageirse (commercieel directeurTransdev/Connexxion) en Wilko Mol (directeur OV bureau Groningen – Drenthe). Manu doet dan ook een oproep om zowel de huidige contracten opnieuw te bekijken, als ook de lopende aanbestedingen in het OV te stoppen. OV bedrijven hebben comfort nodig om te kunnen investeren. Omdat niemand een glazen bol heeft, ontbreekt dat vertrouwen. Daarmee zijn nieuwe aanbestedingen niet reëel. “Als we ons te rigide houden aan gemaakte afspraken, hebben we alleen maar verliezers”, bevestigt Wilko.

Goede voornemens

Op korte termijn ligt de focus op het omgaan met en oplossen van de crisis. Daarin hebben vervoerders en concessieverleners een belangrijke rol. Maar dit doet ook een beroep op mensen die gebruik maken van het OV, en hun werkgevers of onderwijsinstellingen. Erik van der Kooij (senior adviseur mobiliteit bij APPM) doet daarom ook de oproep om zoveel mogelijk te (blijven) spreiden. Niet alleen over de dag – zodat we geen hyperspits meer kennen – maar ook over de week, en tussen modaliteiten. Dat kan met slimme tijdslots voor bijvoorbeeld het hoger onderwijs, en een breder prijsbeleid.

Niels van Oort (directeur Smart Public Transport Lab TU Delft) ziet ook kansen. Hij benadrukt dat we echter niet te enthousiast moeten zijn over het ‘1 januari effect’, waarbij we uitgaan van de goede voornemens die iedereen heeft voor de post-corona-tijd. Om effect te sorteren – niet alleen in de spits – hoef je maar een beetje van de gebruikerspieken af te snoepen. Het is de kunst om daar nú goed op voor te bereiden.

Een brede blik

Dit vraagt om zowel de inzet van werkgevers en onderwijsinstellingen als van overheden. Erik betoogt dat de laatste groep een brede blik moet houden, en na moet denken over de toekomst van het gehele mobiliteitssysteem. En dus niet alleen het OV. Welke versnelling kunnen we nu bewerkstelligen? Laten we daar dan ook nu mee beginnen!

“Dat gaat verder dan mobiliteit alleen”, vult Wilko aan. “Dit vraagt om anders kijken naar de ruimtelijke ordening, beleid op de openbare ruimte, het plaatsen van functies als onderwijsinstellingen, ziekenhuizen en kantoorpanden én de manier van verplaatsen daar naartoe. En op een lager schaalniveau gaat het over de inrichting van onze straten en wegen: wie is hier welkom en hoe garandeer je de toegankelijkheid voor die doelgroep?”

Vervoersrijkdom

Erik noemt het reserveren van OV plaatsen als een optie, om zekerheid van reizen te garanderen. Joost Mortier (directeur 9292) ziet meer kansen voor een drukte indicator. Wel onderschrijft hij het belang van zekerheid voor reizigers dat bijvoorbeeld deelfietsen of -auto’s beschikbaar zijn. Wilko en Manu waarschuwen: “Verwacht hier niet teveel van.” Nu we 1,5 meter afstand moeten houden is zo’n systeem wellicht interessant, maar breder zijn we juist blij dat we vrijheid van bewegen ervaren. Vrijheid in het moment en de manier van reizen is hierin een groot goed. “Vervoersrijkdom, noem ik dat”, besluit Wilko.

Niels vraagt hierbij ook aandacht voor de digitale kloof, en in hoeverre de huidige situatie daar nu verandering in brengt. Digitale vaardigheden worden in de afgelopen maanden rap ontwikkeld, maar we lopen ook het risico dat dit uitput. “Misschien dat MaaS toepassingen nu versneld in gebruik genomen kunnen worden?” vraagt Peer zich af. Manu vreest dat de huidige daling in mobiliteit geen ideaal vertrekpunt is. “Deze zomer zouden een flink aantal MaaS-pilots starten. Door corona zijn deze uitgesteld.”

Nederland blijft gidsland

Of we nu ook moeten vrezen dat innovaties en grote investeringen in het OV, zoals zero emissie voertuigen, hiermee van de baan zijn? Wilko en Manu zijn hier niet bang voor. “De totale cost of ownership van een elektrische bus is grofweg gelijk aan die van een dieselbus. Je zult dus ook echt geen nieuwe dieselbus meer zien rijden in Nederland. Alle nieuwe voertuigen zijn nu zero emissie”, zegt Manu. “Hooguit zullen we iets langer doorrijden met huidig materieel. Als Nederland zijn we gidsland in het introduceren van zero emissie voertuigen in het OV. Bovendien zien we dat de bussen steeds grotere afstanden kunnen afleggen, wat de inzetbaarheid van de voertuigen flexibeler maakt.”

De toekomst

We besluiten het webinar met een blik op de toekomst. Het is nú van belang dat overheden serieus naar hun mobiliteitsaanpak kijken. En dat is expliciet breder dan het OV: een goede heroverweging van modaliteiten, met ook aandacht voor lopen en fietsen. En de manier waarop die op elkaar inspelen. Dit alles uiteraard in het licht van (regionale) bereikbaarheid en samen met stakeholders. Alleen dan is het mogelijk om snel knopen door te hakken.

We zullen deze ontwikkelingen zeker blijven volgen. Volg ons op LinkedIn om op de hoogte te blijven van volgendewebinars en artikelen. Liever direct in gesprek? Neem dan contact op met Peter of Erik.

Foto
Artikel
Birgit Cannegieter & Suzanne Appelo