TERUG NAAR HET OVERZICHT
19
October
2020

Deelmobiliteit van nul tot nu | n#7: Merwe-Vierhavens, van haventerrein naar innovatief woon-werkmilieu

Foto
Artikel

In de serie Deelmobiliteit van 0 tot nu schetsen we de ontwikkeling van deelmobiliteit in Nederland met collega’s, partners en opdrachtgevers. We belichten onze initiatieven, opdrachten en ervaringen en werken zo met u toe naar onze visie op de samenhang tussen deelmobiliteit en binnenstedelijke (gebieds)ontwikkelingen.

In deze blog richten we ons op de mobiliteitsstrategie - in-wording - voor Merwe-Vierhavens in Rotterdam, waar de ontwikkeling van hubs en deelmobiliteit de kern is van de mobiliteitsoplossingen voor deze binnenstedelijke herontwikkeling. Marloes Buitendijk-Campo, adviseur mobiliteit bij de gemeente Rotterdam, en Marcel Touset, adviseur mobiliteit bij APPM, nemen je mee.

Uitdagende mobiliteitsopgave

De gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam werken samen aan de ontwikkeling van Merwe-Vierhavens (M4H). Een havengebied aan de westkant van de stad dat de komende 20 jaar transformeert tot een innovatief woon-werkmilieu met een mix van werken, wonen, cultuur, horeca en onderwijs. Een leidend principe voor de ontwikkeling van M4H, vastgelegd in het Ruimtelijk Raamwerk, is de verduurzaming van mobiliteit met de nadruk op voetgangers, fietsers en deelmobiliteit. Uniek voor M4H is dat alle parkeerplaatsen in collectieve voorzieningen (hubs) worden ondergebracht. Geen parkeren op straat dus. Daar ligt de nadruk op verblijfskwaliteit.

Marcel: “Samen met Goudappel Coffeng en Stadkwadraat hebben we drie scenario’s uitgewerkt – inclusief verkeerskundige en financiële onderbouwing. In deze scenario’s hebben we het mobiliteitsconcept gevarieerd op aantal parkeerplaatsen, het aantal hubs en op het aanbod van deelmobiliteitsvoorzieningen. Daarin hebben we het concept van hubs en deelvoorzieningen ver doorgevoerd: we voorzien meer dan 10 hubs in het gebied, met een ruim aanbod van diverse deelfietsen en -auto’s. En dat op een plek waar geen klassiek openbaar vervoer rijdt en ook niet komt te rijden. Het OV-knooppunt Marconiplein (met metro) ligt direct aan de noord-oostkant van het gebied, en station Schiedam ligt op twee kilometer fietsen ten noordwesten van M4H. Naast goede wandelpaden en fietsverbindingen stellen we met de mobiliteitsstrategie goede deelvoorzieningen bij Marconiplein voor en een shuttle tussen Schiedam, M4H en Marconiplein voor reizigers die niet willen of kunnen fietsen.”

Marloes: “We kunnen met een lage parkeernorm ontwikkelen doordat niet de auto in privé-eigendom, maar juist de alternatieven hiervoor de logische keuze zijn: lopen, fietsen en deelmobiliteitsvoorzieningen, al dan niet in combinatie met het nabijgelegen openbaar vervoer. De mobiliteitshubs dienen als een motor voor collectiviteit: hier komt al het aanbod samen. We zorgen dat voor iedereen een passende optie beschikbaar is. In de mobiliteitshubs voorzien we dubbelgebruik van de aanwezige parkeerplaatsen door bewoners, bezoekers en werknemers. Als er evenementen plaatsvinden in het gebied kunnen bezoekers parkeren op de plekken die werknemers gedurende de werkweek gebruiken. Om dit dubbelgebruik te maximeren zijn alle parkeerplaatsen openbaar. ”

Flexibiliteit is key

De ontwikkeling van M4H loopt door tot 2040 – 2045. Doelgroepen moeten nog uitgekristalliseerd worden en voor de meeste deelgebieden wordt nog een stedenbouwkundig plan opgesteld. Daarom is flexibiliteit het uitgangspunt van de mobiliteitsstrategie. Die flexibiliteit zit in de hubs zelf en ook in de fasering en ontwikkeling van het gebied. Publiek toegankelijke parkeerplaatsen ondersteunen deze strategie. Zo kan ruimte voor deelmobiliteit uitgebreid worden op bestaande parkeerplaatsen, of vice versa. Extra flexibiliteit wordt ook ingebouwd door de constructies van hubs zo te maken, dat er relatief eenvoudig een extra parkeerdek kan worden toegevoegd als uitbreiding van de capaciteit noodzakelijk is. Daarnaast is het voorstel  om een aantal hubs als tijdelijk gebouwde voorziening uit te voeren. Mocht de vraag naar individueel vervoer in de toekomst juist afnemen, dan kunnen op die locaties nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen plaatsvinden. Omgekeerd zorgen ruimtereserveringen ervoor dat er een of meerdere extra hubs mogelijk zijn.

Proof of concept

Marcel: “Natuurlijk is het best spannend voor de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam om een mobiliteitsconcept te omarmen dat zich in de praktijk nog niet heeft bewezen op de schaal van M4H – bijna zo groot als de binnenstad van Rotterdam. En hoewel bij het opstellen van de mobiliteitsstrategie ook zeker mobiliteitsaanbieders en ontwikkelaars betrokken zijn, is het daadwerkelijk uitwerken van de mobiliteitsstrategie in de masterplannen en het contracteren van marktpartijen een paar stappen verder. Daarom vinden we het verstandig dat de gemeente en het havenbedrijf een marktconsultatie organiseren om gevoel te krijgen bij hoe de markt aankijkt tegen de haalbaarheid van een concept met collectief parkeren in hubs in combinatie met een groot aanbod van deelmobiliteit.”

Marloes: “We kijken uit naar de resultaten van deze consultatie. Met de markt gaan we onder andere in gesprek over de ontwikkelstrategie voor dit concept: wat moet er staan vanaf dag 1 om het concept te laten slagen? Een vervolgvraag is wie de noodzakelijke voorinvesteringen voor z’n rekening neemt. Het uitwerken van de ontwikkelstappen en het bijbehorende governancemodel staat de komende tijd centraal.”

Foto
Artikel