Vanaf 2025 zijn alle nieuwe bussen in het openbaar vervoer vrij van schadelijke uitlaatgassen. Het Inter Provinciaal Overleg (IPO) en de metropoolregio’s Amsterdam en Rotterdam/ Den Haag hebben dit op 15 april jongstleden met staatssecretaris Dijksma (Infrastructuur en Milieu) afgesproken in het Bestuursakkoord Zero Emissie Regionaal Openbaar Vervoer Per Bus. APPM’ers Mark van Kerkhof en Floris de Groot hebben het bestuursakkoord opgesteld en het proces richting ondertekening ondersteund.

Cees Kamphuis, senior adviseur mobiliteit bij het IPO, is opgetogen dat het akkoord redelijk soepel tot stand kwam. Cees: “Het scheelde dat er al verschillende ambities circuleerden waaruit eenvoudig een gezamenlijk ambitie te destilleren was: alle openbaar vervoer in 2030 zonder uitstoot en vanaf 2025 alle nieuwe bussen zonder uitstoot.” Mark: “Er is nog een derde pijler in het akkoord, namelijk dat de energie voor de bussen duurzaam en regionaal moet worden opgewekt. Daar was men het ook snel over eens, terwijl het nogal wat betekent. In praktijk kan dit nog wel eens de grootste ambitie vormen.”

Massa maken met 5000 bussen
De provincies Noord-Brabant en Limburg hebben het fundament gelegd voor deze overeenkomst, omdat busmaatschappijen in deze twee provincies binnen een aantal jaar al grotendeels elektrisch gaan rijden. Maarten Post is aanjager van deze projecten binnen de provincie Noord-Brabant en was betrokken bij aanbestedingen vanuit de provincie, waarin om ‘nul uitstoot’ werd gevraagd. Daarin is veel geleerd. Maarten: “Vervoerders hadden bij die aanbesteding allerlei vragen. Het aantal stops, het type bus, de zwaarte van de batterij: het heeft allemaal invloed op hoeveel kilometer een bus kan afleggen voordat deze moet worden opgeladen. Opvallend is dat de prijs die vervoerders uiteindelijk boden behoorlijk meeviel. Je ziet dat sommige partijen risico’s durven aan te gaan.” APPM’er Floris: “Het gaat in totaal om 5000 bussen in heel Nederland. Hiermee ga je echt massa maken.” Cees vult aan: “Dit daagt de markt uit tot duurzame transitie en nieuwe technieken. Je kunt dit ook mooi verbreden naar andere duurzaamheidsthema’s. Denk aan de bussen op Goeree-Overflakkee die gaan rijden op waterstof die via windenergie is opgewekt. Het is ook mooi dat dit akkoord vanuit de mobiliteitshoek en niet vanuit de milieuhoek tot stand is gekomen.”

Point-of-no-return
Aandachtspunt is ook hoe de kennisdeling vorm gaat krijgen. Niet alleen tussen overheden onderling, maar ook tussen markt en overheden. Cees: “Laten we niet vergeten dat het Rijk aan de financiële knoppen zit voor deze transitie. Die hebben we hard nodig. Voor het Rijk zal het ook wennen zijn dat er nu meer sprake is van een horizontale samenwerking met provincies en de vervoersregio’s.” Maarten vult aan: “We moeten voorkomen dat partijen zich ingraven vanuit hun gevestigde belangen. Maar ik zie dit echt als een geweldig aanbod aan marktpartijen. We zitten nu op een point-of-no-return. Het is ook een uitdaging. Want als er iets misgaat of minder goed loopt, kunnen er allerlei zaken rond de transitie ter discussie worden gesteld. Dit geldt zeker voor het regionaal vervoer dat over grotere afstanden moet rijden in vergelijking met het stadsvervoer. Hoe valt dat qua kosten uit?” APPM’ers Floris en Mark denken dat door het volume de kostprijs wel gaat zakken. Floris: “Met dit akkoord zal blijken dat vergroening ook concurrerend kan zijn.“ Voor Mark gaat het verhaal nog wat verder. “Duurzaam openbaar vervoer is meer dan de elektrische bus. Je blijft ook kijken naar de bezetting van de bus en gaat meer aandacht besteden aan het gedrag van de chauffeur.“

Het Bestuursakkoord is een belangrijke mijlpaal die alle partijen, zowel van overheids- als marktzijde, zal aansporen tot vernieuwing. Floris: “Het mooie van het akkoord is dat het uitgaat van een gezamenlijke ambitie bij de opdrachtgevers. Tegelijkertijd biedt het ruimte en flexibiliteit voor verschillende routes. Maatwerk is van belang, want elke concessie heeft zijn eigen kenmerken en timing. Dat is een belangrijke uitdaging bij de uitvoering van het akkoord.” En hoewel het maatwerk is, is ook tempo geboden om de doelen te halen. Maarten: “We moeten de komende tijd voortgang boeken. Elkaar aanspreken. Hoe pak je nu zo’n aanbesteding aan? We willen echt de energietransitie versnellen. De markt wil die duidelijkheid ook.”