Foto: Ge Dubbelman/Hollandse Hoogte
Een artikel van Pepijn van Wijmen en Erik van der Kooij in Trouw 21-7-2018

Begin juni verscheen een studie van de milieubeweging naar de substitutie van vliegverkeer door hogesnelheidstreinen. Ingenieursbureau Royal HaskoningDHV berekent dat wanneer meer geïnvesteerd wordt in het Europees netwerk van Hogesnelheidstreinen er tot 133.000 vluchten minder nodig zijn. In het verlengde pleiten Erik van der Kooij en Pepijn van Wijmen van APPM management consultants om de nieuwe Noord/Zuid-lijn metro vanuit Amsterdam naar Schiphol door te trekken. Er wordt al jarenlang op gestudeerd en over gesproken. Nu is het tijd voor actie! Ook in het belang van pleitbezorgers voor minder vliegtuigbewegingen voor Schiphol.

Snelle treinen zijn tot 600 à 750 kilometer een goed alternatief voor het vliegtuig qua snelheid en comfort. Jaarlijks reist zo’n 32% met de comfortabele Thalys van Nederland naar de bestemming Parijs en 14% met het vliegtuig. Naar Londen reist 62% met het vliegtuig in 60 kleine vliegtuigen per dag. In een Eurostar kunnen net zoveel reizigers als in 4 vliegtuigen. Met 15 treinen per dag (nu 2!) vervoer je hetzelfde aantal personen als in 60 vliegtuigen. Dat betekent ieder uur een Eurostar en fors minder vliegtuigen. Eenzelfde groeipotentie is er op de lijnen naar Frankfurt, Berlijn en naar Parijs.

NS station Schiphol en de Schipholtunnel kunnen qua capaciteit die extra treinen echter niet aan en het station is ongeschikt voor de douanefaciliteiten voor de reis naar Londen. De Eurostar rijdt nu aan Schiphol voorbij! Terwijl de combinatie van lange afstandsvliegen in combinatie met snelle treinen tot 750km juist zo interessant is. Onderzoek wijst uit dat alleen tegen extreem hoge kosten de capaciteit van NS station Schiphol voor deze treinen is aan te passen. Het station is overvol met sprinters en Intercity’s tot 60 vertrekkende treinen per uur.

Een alternatieve oplossing is de sprinters uit de Schipholtunnel te halen en deze te vervangen door metro’s vanuit Amsterdam over een doorgetrokken Noord/Zuid-lijn. Dat kan vrijwel geheel bovengronds en parallel aan de A10 en de A4. Dan ontstaat ruimte voor een perron voor hogesnelheidstreinen en douanefaciliteiten.
Maar er is meer. Doortrekken van de Noord/Zuid-lijn draagt op vier schaalniveaus bij aan doelen van leefbaarheid, bereikbaarheid en economie en dat legitimeert meerdere overheden om er in te investeren. Internationaal: meer hogesnelheidstreinen. Nationaal: meer ruimte voor treinen binnen de Randstad en naar bijvoorbeeld Brainport Eindhoven. Metropoolregio Amsterdam: metro ontsluit naast de stad ook de regio tot in Hoofddorp. Lokaal: ontsluiting van nieuwe werk- en woonlocaties langs de lijn (uitbreiding Zuidas naar het westen). Directe metroverbindingen brengt reizigers rechtstreeks van Schiphol naar belangrijke bestemmingen in centrum Amsterdam en ontlast de overvolle treinstations Schiphol, Zuid en Centraal.

Doortrekken van de Noord/Zuid-lijn is daarmee geen “speeltje” van alleen Schiphol en Amsterdam. Het is in belang van de gehele metropoolregio Amsterdam, de vier grote steden in de Randstad en de provincie. En het helpt in meerdere kabinetsdossiers: minder vliegtuigbewegingen met minder milieuoverlast en betere bereikbaarheid en aantrekkelijkheid van de grote economische centra.

Vandaar ons pleidooi: bewoners rond de luchthaven pleit voor het doortrekken van de metro naar Schiphol. Het dient uw belang, omdat het de substitutie van vliegtuig naar hogesnelheidstrein mogelijk maakt. En als we de slots die vrijvallen maar voor een deel teruggeven aan Schiphol voor extra lucratieve langeafstandsvluchten. Dat kan het tot minder vliegtuigbewegingen leiden terwijl het aantal passagiers gelijk blijft. Een mooie win win voor iedereen: de omwonenden van de luchthaven, de luchthaven zelf, voor ons milieu én voor onze economie.

En met de vele baathebbers bij het doortrekken van de Noord/Zuid-lijn zijn er net zoveel potentiële publieke en private partijen die kunnen bijdragen aan het project. Kortom een project dat we moeten omarmen en snel moeten aanpakken. Waar wachten we op?