Fietsinclusieve Mobiliteit was het thema van de Meet-up van het Bouwregienetwerk afgelopen week. De fiets wint enorm aan populariteit in de Nederlandse steden en zorgt daarmee voor een verandering in de stedelijke mobiliteit. De enorme toename van het fietsgebruik geeft wel enige reden tot ‘zorg’. Want hoe geven we die stroom fietsers (letterlijk) de ruimte? Hoe faciliteren we al die fietsers in het krappe ruimtegebruik in de steden? En wat betekent de toename van het fietsgebruik voor de andere modaliteiten? Ontstaat er fikse concurrentie tussen openbaar vervoer en de fiets? Of presteren (hoogwaardig) OV en de fiets juist aanvullend? APPMers Marcel Touset en Erik Tetteroo gaven ieder vanuit hun eigen achtergrond hun inzicht in deze ontwikkelingen. Dit vooral gericht op de succesvolle keten van OV en fiets.

Stroomlijning van buslijnen vraagt om aanvulling fiets
Marcel lichtte zijn inzicht over de steeds belangrijkere rol van de fiets in het veranderende OV-landschap toe. Spaghetti-netwerken van ontsluitende buslijnen worden steeds meer gestroomlijnd in gestrekte corridors. Halte-afstanden op deze corridors nemen toe en daarmee ook de behoefte aan goed first & last mile vervoer om toegang tot het OV te waarborgen. Zowel binnen de steden als in het buitengebied is daarvoor een cruciale rol voor de fiets weggelegd: het vergroot de ‘catchment area’ van OV haltes aanzienlijk. Dit houdt in dat het bereik van het aantal treinreizigers flink wordt vergroot door de het gebruik van de fiets ten opzichte van lopen. Als je naar een halte moet lopen, wil je niet veel verder lopen dan 800 meter. Voor een fietser is 2 of 3 kilometer goed te doen. Er wordt in dezelfde reistijd door de fiets een veel grotere afstand afgelegd. Een OV-halte die gericht is op fietsers heeft daarmee een veel grotere reikwijdte om OV-reizigers te trekken.

Overheden en vervoerders staan voor een gezamenlijke uitdaging om haltes hierop in te richten. Belangrijk is om de verantwoordelijkheden voor de ketenvoorzieningen op OV-haltes goed te beleggen.

Inrichting van stationsgebieden
Erik Tetteroo ging in op de relatie met ruimtelijke planning. Het hybride trein-fiets systeem nodigt uit tot een specifiek ruimtelijk concept: HOD, als een Nederlandse vorm van TOD, waarbij het voor- en natransport naar de stations gericht is op het grotere bereik van de fiets. Door betere voorzieningen voor fietsers en door betere infrastructuur. Denk hierbij aan fietsenstallingen met/zonder bewaking, gratis voor de eerste 24 uur, een fietsreparatie bij de halte, beschikbaarheid van deelfietsen en goede fietspaden die dicht bij het station uitkomen. Ook door bijvoorbeeld in de ruimtelijke planning er voor te zorgen dat nieuwe woningen gebouwd worden op fiets afstand van een station (en niet in buitengebied waar je alleen met de auto kunt komen). Dit vraagt een betere afstemming en samenwerking tussen de verschillende overheidslagen (Rijk, provincie en gemeenten) en een slimmer omgaan met financiering vanuit ruimtelijke planning en infrastructuurbudgetten.

Presentatie Erik Tetteroo over HOD

Presentatie Marcel Touset over Fiets en OV

Over Marcel en Erik
Erik is onder andere als adviseur nationaal fietsbeleid bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu intensief betrokken bij de Agenda Fiets van de Tour de Force.

Marcel Touset deelde zijn ervaringen als adviseur OV-strategie bij Provincie Zuid-Holland, Metropoolregio Rotterdam Den Haag, regio Drechtsteden en bij Gemeente Rotterdam.